Advies 2026/15
Advies nr. 2025/15 van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) betreffende het ontwerp van koninklijk besluit (KB) tot instelling van een administratief register van aangewezen artsen‑evaluatoren, belast met het verrichten van medisch‑administratieve voorbereidende handelingen in het kader van de toepassing van de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap.
Besproken tijdens de plenaire vergadering van 22/06/2026 en goedgekeurd via e-mail op 30/06/2026.
Advies uitgebracht op verzoek van mevrouw Julie Clément, directrice-generaal van de DG Personen met een handicap (DG HAN), per e-mail van 5 juni 2026 en met toepassing van de spoedprocedure.
Lees de samenvatting van het advies
1. ADVIES BESTEMD
- Voor opvolging aan mevrouw Julie Clément, Directrice-generaal van de DG Personen met een handicap
- Voor opvolging aan de heer Rob Beenders, Minister van Consumentenbescherming, Sociale Fraudebestrijding, Personen met een Handicap en Gelijke Kansen
- Ter info aan de heer Frank Vandenbroucke, Vice-eersteminister en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Armoedebestrijding
- Ter info aan de heer Bart De Wever, Eerste Minister
- Ter informatie aan Unia
- Ter info aan het Coördinatiemechanisme van het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap
- Ter info aan de federale ombudsman
- Ter info aan de Nationale Arbeidsraad
2. ONDERWERP
Instelling van een administratief register van aangewezen artsen‑evaluatoren, belast met het verrichten van medisch‑administratieve voorbereidende handelingen in het kader van de toepassing van de wet van 27 februari 1987 betreffende de tegemoetkomingen aan personen met een handicap, en formalisering van het statuut, de opdrachten, de verplichtingen en de waarborgen die van toepassing zijn op de aangewezen artsen-evaluatoren.
3. ANALYSE
In de brief van de DG HAN bij het ontwerp van koninklijk besluit wordt verduidelijkt dat het ontwerp van koninklijk besluit tot doel heeft een verouderd contractueel systeem te vervangen door een transparant en objectief systeem dat in overeenstemming is met de beginselen van wettigheid, gelijke behandeling en goed bestuur. Het register definieert duidelijk de rol, de taken en de verplichtingen van de artsen-evaluatoren, terwijl hun medische onafhankelijkheid wordt gewaarborgd en de mechanismen voor kwaliteitscontrole worden versterkt. Er wordt ook verduidelijkt dat de inschrijving in het register de grondslag vormt voor een administratief mandaat dat deze artsen in staat stelt namens de DG Personen met een handicap op te treden, met behoud van hun medische onafhankelijkheid.
Het besluit legt de voorwaarden voor toegang tot het register vast; de DG HAN geeft aan dat deze voorwaarden gebaseerd zijn op objectieve criteria inzake kwalificatie, bekwaamheid, opleiding en naleving van de deontologische regels, evenals op de taalkundige vereisten die nodig zijn voor een dienst die toegankelijk is voor alle burgers. De DG HAN heeft ook gezorgd voor mechanismen voor toezicht, kwaliteitscontrole en permanente bijscholing, om de uniformiteit van de werkwijzen en de betrouwbaarheid van de opgestelde expertiseverslagen te waarborgen. Overgangsbepalingen maken de integratie mogelijk van artsen die reeds met de DG HAN hebben samengewerkt, waardoor de continuïteit van de evaluaties wordt gewaarborgd. Ten slotte regelt de tekst de modaliteiten inzake bezoldiging, aansprakelijkheid en vertrouwelijkheid, evenals de procedures voor schorsing of schrapping van de dokter van het register.
- Artikel 1 – Definities
- Artikel 2 – Instelling van het register
- Artikel 3 – Vaststelling van de evaluatietaken en invoering van het recht van de administratie om de verslagen van artsen te controleren en aan te passen, met name wat betreft de kwaliteitscriteria en de richtlijnen
- Artikel 4 – Elk dossier leidt tot de uitvoering van het mandaat.
- Artikel 5 – Regelgevend kader
- Artikel 6 – Toegang tot en voorwaarden voor het behoud van de erkenning
- Artikel 7 – Medische onafhankelijkheid en medische beslissingen als onderdeel van de administratieve procedure
- Artikel 8 – Inschrijving in het register
- Artikel 9, 10 – Toegangs- en toelatingsvoorwaarden, selectiecriteria
- Artikel 11,12 – Vereiste competenties en evaluatiemodaliteiten.
- Artikel 13, 14 – Afwijkingen voor reeds aangewezen artsen
- Artikel 15 – Discretieplicht
- Artikel 16 – Burgerlijke aansprakelijkheid
- Artikel 17 – Schorsing en schrapping door de administratie
- Artikel 18 – Verzoek tot schrapping door de arts
- Artikel 19 – Toewijzing van opdrachten
- Artikelen 20-21 – Vergoedingsbarema en indiening van de vordering
- Artikel 22 - Inwerkingtreding op 01.01.2027
4. ADVIES
- De NHRPH herinnert eraan dat hij er altijd naar heeft gestreefd om adviezen te verstrekken die van hoge kwaliteit en zo volledig mogelijk zijn. Werken onder tijdsdruk kan de kwaliteit van het werk in het gedrang brengen. De NHRPH wijst er ook op dat het secretariaat nog steeds niet structureel is versterkt. De NHRPH dringt er nogmaals op aan dat op zijn minst de medewerkers worden vervangen die de afgelopen jaren het secretariaat hebben verlaten.
- De NHRPH juicht de bereidheid toe om de contouren en de modaliteiten van het mandaat van de aangewezen artsen te verduidelijken. Door duidelijkheid te scheppen over hun opdrachten en concrete taken kan ook de ambitie van de administratie en minister Beenders worden versterkt om het systeem rechtvaardiger, transparanter en doeltreffender te maken (zie visienota „Inclusie versterken, arbeid laten lonen“ – Kompas voor de hervorming van de wet van 1987 naar een inclusief en activerend handicapbeleid). Dit ontwerp van koninklijk besluit moet zich dus vanaf nu in deze logica inschrijven.
- Dat gezegd zijnde, begrijpt de NHRPH niet goed in hoeverre het ontwerp van koninklijk besluit tegemoetkomt aan de wens om „een verouderd contractueel systeem te vervangen door een transparant, objectief systeem dat in overeenstemming is met de beginselen van wettigheid, gelijke behandeling en goed bestuur” (zie brief van DG HAN). Volgens de NHRPH zouden bepaalde correcties en verduidelijkingen nuttig zijn als er rekening wordt gehouden met de hierna uiteengezette aandachtspunten.
- De tekst is opgesteld vanuit een puur administratieve invalshoek en bevat geen concrete waarborgen voor de burger.
-
- De NHRPH dringt erop aan dat er doelstellingen worden toegevoegd die de rechtvaardigheid en transparantie van de processen waarborgen:
- De kwetsbaarheid van aanvragers van tegemoetkomingen tijdens evaluatieonderzoeken is een vaak gemelde realiteit. Het KB zou de rechten van de patiënt moeten formaliseren en artsen hiervan bewust maken, zoals het recht om zich te laten begeleiden, met respect te worden ontvangen en vóór het bezoek inzage te hebben in het dossier.
- De omgeving waarin de patiënt wordt ontvangen, is belangrijk: het is absoluut noodzakelijk dat de aangewezen arts die mensen in zijn privéconsultatieruimte ontvangt, ervoor zorgt dat zijn praktijk vanaf de drempel toegankelijk is. Ook de manier waarop de patiënt wordt aangesproken, is van doorslaggevend belang: duidelijke en begrijpelijke taal, toestemming om te worden begeleid door een derde, enz.
- In het KB moeten de gebruikte evaluatie-instrumenten worden gespecifieerd.
- In het KB moet worden vermeld dat de arts-evaluator rekening moet houden met de verslagen van de behandelende arts of met de multidisciplinaire verslagen (ergotherapeuten, psychologen) die door de uitkeringsgerechtigde zijn verstrekt, en dat hij de redenen moet vermelden waarom hij zou besluiten hiervan af te wijken.
- Formele motivering van beslissingen: er moet worden vermeld dat de arts zijn beslissing moet baseren op klinische bevindingen en zich niet mag beperken tot vakjes aanvinken.
- Kosteloos en automatisch recht op directe toegang tot het medisch verslag (door de aanvrager of zijn behandelend arts).
- De NHRPH dringt erop aan dat er doelstellingen worden toegevoegd die de rechtvaardigheid en transparantie van de processen waarborgen:
- De tekst, die zowel de onafhankelijkheid van de arts moet waarborgen als de kwaliteit van de evaluatie moet ondersteunen, vereist een evenwichtsoefening. De NHRPH is van mening dat dit evenwicht in de voorliggende tekst niet is bereikt en dat het ontwerp van koninklijk besluit te veel neigt naar administratieve ondergeschiktheid van artsen, waardoor het beginsel van transparantie en wettigheid wordt ondermijnd. Ook de voorziene controles en schrappingsprocedures zijn geconcentreerd in handen van de administratie. De NHRPH houdt aan de tekst de indruk over dat de overheid te veel macht heeft over de artsen, wat de essentiële rol van de beoordelende arts – die neutraal, onafhankelijk en transparant moet zijn en gelijke behandeling moet waarborgen – potentieel ondermijnt.
Zo is bijvoorbeeld in artikel 3, lid 2, sprake van de toepassing en naleving van de kwaliteitseisen van de medische expertise en voor de opvolging van de door de Dienst vastgestelde gedragslijnen. Er worden regelmatig kwaliteitscontroles uitgevoerd op de handelingen die namens de Dienst worden verricht.
Artikel 17 bepaalt dat de Dienst een arts-evaluator kan schorsen of schrappen wegens ernstige schending van de kwalitatieve en operationele doelstellingen. Moet hier bijvoorbeeld onder verstaan worden dat de prestaties een reden voor schrapping zouden kunnen zijn? Is dit niet een manier om de medische onafhankelijkheid van de arts te ondermijnen?
-
- De NHRPH vraagt om in artikel 3, § 2 te verduidelijken dat de kwaliteitscontrole uitsluitend betrekking heeft op de methodologische en de juridische motivering van het verslag, zonder dat de DG HAN de diagnose of het medische oordeel van de arts kan dicteren of wijzigen.
- De NHRPH vraagt ook om een herformulering van artikel 17.
- De NHRPH stelt voor om, met het oog op “goed bestuur”, een toezichtcommissie of een ethisch en kwaliteitscomité op te richten, bestaande uit vertegenwoordigers van de artsen, de overheid en idealiter externe deskundigen, met name vertegenwoordigers van de aanvragers van tegemoetkomingen. Dit orgaan zou de dossiers van kwalitatieve tekortkomingen (art. 17) moeten behandelen alvorens een beslissing tot schrapping wordt genomen.
- De tekst blijft te veel op de vlakte wat betreft belangenconflicten. Artikel 10, f) vereist louter de „afwezigheid van onverenigbaarheden”, zonder deze op te lijsten. Zou een arts-evaluator tegelijkertijd de behandelend arts van een aanvrager of de deskundige van een tegenpartij-verzekeringsmaatschappij kunnen zijn? Wat in geval van een belangenconflict? Er zou een verplichting moeten worden ingevoerd om elk belangenconflict te melden, op straffe van onmiddellijke schrapping.
-
- De NHRPH vraagt dat artikel 10 in dit opzicht beter wordt gepreciseerd.
- Vastgestelde tekortkomingen – Gewenste toevoegingen en verduidelijkingen
Artikel 1: Aan de bestaande definities moeten nieuwe definities worden toegevoegd: wat bedoelt de DG HAN met
-
-
- “de toepasselijke wettelijke bepalingen en de richtlijnen inzake evaluatie”
- “de methodologische en kwalitatieve criteria” die van hen worden verwacht
- “de kwaliteitseisen van de medische expertise”
- “de kwaliteitseisen […] voor de opvolging van de door de Dienst vastgestelde gedragslijnen”
- “kwaliteitscontroles uitgevoerd op de handelingen die namens de Dienst worden verricht”
- enz.
-
Artikel 11 (Selectiecriteria): er ontbreken verduidelijkingen over :
-
-
- De vereiste specifieke deskundigheid op het gebied van medische expertise, met inbegrip van de beginselen uit het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap.
- De kennis van de landstalen – het vereiste niveau moet worden gespecificeerd, in overeenstemming met de werkzaamheden en de noodzakelijke communicatie met patiënten, het multidisciplinaire team en collega’s
- Het uittreksel uit het strafregister – het gewenste uittreksel moet worden gespecificeerd
- Het begrip “resultaatgerichtheid” als beoordelingscriterium?
-
Artikel 15: verwijst naar de door de Minister vastgestelde barema’s voor de vergoeding van prestaties en reiskosten.
-
-
- De NHRPH verwijst naar advies 2026-16.
-
Artikel 19 (Wijze van toewijzing van opdrachten):
Lid 2 geeft de administratie opnieuw volledige discretionaire bevoegdheid.
-
-
- Om gelijkheid te waarborgen, is de NHRPH van mening dat de toewijzing geautomatiseerd moet worden of door een transparant algoritme moet worden beheerd
-
Het ontwerp van koninklijk besluit laat na het multidisciplinaire werkkader, de plaats en de rol van de arts, afhankelijk van de mate van maturiteit van de teams, correct te specificeren en toe te lichten.
-
-
- De NHRPH dringt erop aan dat het KB het concrete kader voor de evaluatie beter verduidelijkt.
-
- Artikel 16, waarin een vrijwaringsclausule wordt ingevoerd, is twijfelachtig vanuit juridisch oogpunt. Artikel 16 ontslaat de DG HAN volledig van elke aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door artsen en verplicht hen om de Staat schadeloos te stellen in geval van een rechtsvordering. Deze clausule is juridisch gezien zeer agressief en onredelijk voor een socialebeschermingsstelsel dat gebaseerd is op een “stilzwijgend mandaat” van de Staat. De NHRPH vreest dat dit artsen zal ontmoedigen om zich in te schrijven.
-
- De NHRPH vraagt om een verplichting tot het afsluiten van een medische aansprakelijkheidsverzekering in het KB op te nemen of te verduidelijken dat de Staat de gevolgen dekt van handelingen die te goeder trouw zijn verricht binnen de grenzen van de ontvangen richtlijnen.