Ga naar de inhoud
Nationale Hoge Raad Personen met een Handicap

Advies 2020/13

Advies nr. 2020/13 van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over de exitstrategie na de COVID-19-lockdown, uitgebracht op 25/05/2020 na raadpleging van de leden van de NHRPH per mail van 19/05/2020.

Advies op initiatief van de NHRPH.

1. ONDERWERP

Steeds meer sectoren en diensten werken een exitstrategie uit naar aanleiding van de COVID-19-crisis. Ook personen met een handicap willen de draad weer kunnen oppakken en opnieuw deelnemen aan de samenleving.

2. ANALYSE

De crisis heeft bepaalde levensomstandigheden verergerd: net als bijvoorbeeld ouderen zijn personen met een handicap vaak onzichtbare burgers die over het hoofd worden gezien en vaak worden benadeeld bij het uitoefenen van hun rechten.

Nu de lockdownmaatregelen gaandeweg worden opgeheven, stelt de NHRPH vast dat er niet altijd rekening wordt gehouden met de behoeften van personen met een handicap om hen in staat te stellen als iedere andere burger hun activiteiten en het leven in de maatschappij te hervatten. In het openbaar vervoer, de grootdistributie, de zorgsector, de openbare dienstverlening enz. verhinderen de crisisinstructies dat bepaalde of soms zelfs alle personen met een handicap toegang hebben tot goederen en diensten.

Zo hebben bijvoorbeeld blinde of dove personen doorgaans geen volwaardige toegang tot de informatie op de websites.

Personen in instellingen mogen zich niet vrij verplaatsen of afspreken met wie zij willen. Er moeten procedures worden uitgewerkt zodat personen met een handicap hun naasten kunnen zien, waarbij zowel hun eigen gezondheid als die van het personeel worden beschermd. Voor deze procedures moet worden overlegd met de personen met een handicap en hun familie, de directies van de diensten en het personeel.

Een andere onrustwekkende vaststelling is dat de gezondheidscrisis een klimaat van angst creëert. Afstand houden leidt tot vervreemding en uitsluiting: op het perron of in de winkel verdwijnt de natuurlijke neiging om te helpen. Iemand helpen die op straat valt of die gewoon om hulp vraagt, wordt als problematisch ervaren.

3. ADVIES

Uiteraard is de NHRPH van mening dat de instructies inzake hygiëne en afstand houden ook gelden voor personen met een handicap (onthaal van personen, schoonmaak van lokalen, …).

De NHRPH herinnert er nogmaals aan dat personen met een handicap, ongeacht hun handicap, leeftijd, woonplaats of gebruikelijke activiteiten, op gelijke voet met andere burgers moeten worden behandeld. Het kan absoluut niet dat personen met een handicap in de praktijk langer dan noodzakelijk in lockdown moeten blijven, geen toegang kunnen krijgen of dat maatregelen of compromissen voor hen worden uitgesteld wegens hun handicap! Ter herinnering: de exitstrategie moet voor alle personen met een handicap een realiteit zijn, ongeacht hun leeftijd of woonplaats.

De NHRPH vraagt dat in de exitstrategie op alle levensvlakken en in alle activiteitensectoren rekening wordt gehouden met de behoeften van personen met een handicap.

De NHRPH wil de volgende aspecten benadrukken:

  1. Communicatie over de maatregelen en fasen van de exitstrategie:

    1. duidelijke en regelmatige informatie die toegankelijk is voor personen met een handicap;
    2. heldere visuele en auditieve informatie op openbare plaatsen voor alle groepen;
    3. het niet direct na elkaar omroepen van verschillende berichten (zo wordt bijvoorbeeld in het openbaar vervoer een COVID-bericht over afstand houden gevolgd door een bericht over zakkenrollers; dit vergroot de angst bij personen met een handicap en de bevolking in het algemeen);
    4. affiches en websites: in overeenstemming met het AnySurfer-label, video’s in gebarentaal en easy to read (gemakkelijk te lezen en te begrijpen taal); dit geldt niet alleen voor de officiële coronawebsite, maar ook voor privéwebsites van algemeen nut: Comeos, Febelfin, bpost, ziekenhuizen, ...);
    5. begeleiding of hulp door een derde wanneer dit nodig is: een communicatie van de overheid via de media zou kunnen herinneren aan het belang van solidariteit;
    6. er is meer geld nodig voor de vertaling in gebarentaal voor elke gebruiker; het huidige plafond is volstrekt ontoereikend.

  2. Probleemdomeinen:

    1. de gebouwde omgeving en internetomgeving van de
      1. overheidsdiensten (cf. advies 2020-14 - DG HAN - exitstrategie),
      2. privédiensten van openbaar nut (banksector, distributiesector enz.),
      3. ziekenhuizen en zorg- en begeleidingsdiensten.
    2. openbaar vervoer: ter herinnering, veel personen met een handicap kunnen zich enkel met het openbaar vervoer verplaatsen; het bestaande aangepaste vervoer moet om twee redenen worden uitgebreid:
      1. heel wat vrijwilligers (vaak ouder dan 65 jaar) hebben hun activiteiten (nog) niet hervat;
      2. het traditionele openbaar vervoer is niet voor alle personen met een handicap toegankelijk en de assistentie – indien die voorhanden is – wordt niet meer onder dezelfde voorwaarden verleend? Bijvoorbeeld: bij de NMBS werd de reservatietermijn voor assistentie van 3 uur, geldig in een beperkt aantal stations, opgetrokken tot 24 uur. (Vanaf25/05/2020 zijn de assistentietermijnen van vóór de crisis weer van toepassing.);
      3. de taxi is geen aanvaardbaar alternatief omdat deze te duur is voor de overgrote meerderheid van personen met een handicap.

  3. Social distancing en het dragen van een mondmasker zijn voor sommige personen met een handicap niet mogelijk of moeten worden aangepast aan hun specifieke behoeften.

    1. Er moet sector per sector worden bekeken welke flexibiliteit mogelijk is.
    2. Deze vaststelling mag nooit leiden tot een beperking van de rechten en vrijheden van personen met een handicap. Dit geldt voor alle sectoren van het leven en de activiteiten van personen met een handicap.
    3. In de sector van de instellingen is dit uiteraard een cruciale denkoefening die moet leiden tot regelingen om naar een zo normaal mogelijk leven terug te keren. Dit geldt ook voor de geestelijke gezondheid van de personen die er verblijven.

  4. Hervatting van de beroeps- en opleidingsactiviteiten

    1. De tendens blijft telewerk: er moet bijzondere aandacht worden besteed aan het isolementsrisico van personen met een handicap.
    2. Veel videoconferentiemiddelen zijn niet toegankelijk voor doven en blinden.

  5. Waardig inkomen en reële koopkracht

    1. Het leven is op een aantal vlakken duurder geworden. De noodzakelijke aanschaf van mondmaskers en handgel, de taxi moeten nemen in plaats van de trein, meer dan gewoonlijk de mobiele telefoon gebruiken, … Dat alles brengt extra kosten met zich mee:
      1. de inkomensvervangende tegemoetkoming (IVT) wordt tijdelijk opgetrokken vanaf het begin van de lockdown totdat de situatie weer normaal is. Ter herinnering, de werkloosheidsuitkering werd met 5 % opgetrokken;
      2. een bijkomende solidariteitspremie van 200 euro zou de koopkracht enigszins kunnen vergroten.
    2. Is voedselhulp toegankelijk voor personen met een handicap?

  6. Toegankelijke geneeskundige verzorging

    1. Extra kosten zijn uit den boze.
    2. Onderbroken zorgtrajecten van personen met een handicap moeten worden hervat. Er moet ook worden bekeken wie er geen gebruik van maakt (wegens angst, financiële lasten, …); voor hen moeten er zorgtrajecten worden opgestart.
    3. Mondmaskers en handgel: hoe kunnen geïsoleerde personen met een handicap – die soms ver van de distributiepunten zijn verwijderd – worden bevoorraad?
    4. Er moet rekening worden gehouden met de geestelijke gezondheid van personen met een handicap. De NHRPH vraagt te mogen deelnemen aan de denkoefening van de Taskforce Geestelijke gezondheidszorg.

  7. Testing en tracing

    1. Rekening houden met het begripsniveau van de betrokkenen.
    2. Specifieke maatregelen worden getroffen voor dove personen en personen met een verstandelijke handicap.
    3. Hoe worden deze personen op lange termijn begeleid?

  8. Mantelzorgers

    1. Heel wat gezinnen en personen uit de naaste omgeving hebben de zorg voor iemand overgenomen van de gespecialiseerde diensten. Deze informele hulp is van onschatbare waarde; zij is zeer belangrijk en essentieel op collectief en individueel vlak.
    2. Personen die worden geholpen, zullen in hun reeds zeer drukke dagelijks leven niet alleen met hun gewoonlijke maar ook met nieuwe verplichtingen worden geconfronteerd. Zij zullen zich vaker dan gewoonlijk moeten verplaatsen “om de verloren tijd in te halen” (medische zorg, administratieve stappen).
    3. Op een bepaald moment zal de omgeving misschien ook niet meer zo beschikbaar zijn, omdat ook deze mensen de verloren tijd moeten inhalen.
    4. De gezinnen moeten dus ook verder worden ondersteund en er moet worden gekeken welke nieuwe behoeften in de loop van de komende weken ontstaan.

  9. Meer dan ooit moeten personen met een handicap worden betrokken bij de oplossingen via de adviesraden van personen met een handicap (advies 2020-10). Dit geldt ook in de sector van de leefgemeenschappen voor personen met een handicap (raad van gebruikers).

  10. Interfederale coördinatie door middel van een interministeriële conferentie Handicap is noodzakelijk om de grijze zones en de ongewilde gevolgen van de maatregelen van de deelgebieden te verminderen.

4. BEZORGD

  • Voor opvolging aan mevrouw Nathalie Muylle, Minister van Werk, belast met Personen met een beperking;
  • Voor opvolging aan mevrouw Sophie Wilmès, Eerste Minister;
  • Voor opvolging aan de Groep van experts die belast is met de exitstrategie (GEES);
  • Ter informatie aan Unia;
  • Ter informatie aan het UNCRPD-coördinatiemechanisme.