Ga naar de inhoud
Nationale Hoge Raad Personen met een Handicap

Advies 2021/05

Advies nr. 2021/05 van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over de toegankelijkheid van draagbare betaalterminals in winkels.

Advies op initiatief van de NHRPH.

1. ONDERWERP

Sinds een aantal maanden maken leden van de NHRPH, maar ook externe personen, melding van het gebruik door handelaren van draagbare betaalterminals die blinde/slechtziende personen en personen met spasticiteit niet toelaten om veilig en zelfstandig betalingen te verrichten voor aangekochte goederen of diensten.

Dit komt steeds vaker voor en dreigt uiteindelijk een wijdverbreid probleem te worden, niet alleen in winkels, maar ook in andere ondernemingen die openstaan voor het publiek (bijvoorbeeld de banksector). Er moet dringend actie worden ondernomen.

2. ANALYSE

Elke handelaar kan draagbare of met een stopcontact verbonden betaalterminals huren van particuliere aanbieders (zoals Wordline). Deze laatsten hebben een catalogus van toestellen die zijn uitgerust met toetsenborden met standaardtoetsen en aanraakgevoelige toetsen.

De meeste standaardtoetsenborden hebben een voelbaar puntje op de ‘5’ om voor blinde en slechtziende personen de oriëntatie op het toetsenbord te verbeteren bij het invoeren van de geheime code.

Toetsenborden met aanraakgevoelige toetsen bieden deze mogelijkheid niet. Bovendien zijn deze toestellen gevoelig voor een toevallige aanraking met de vinger, met herhaalde fouten en de blokkering van de kaart als gevolg. Deze toestellen vinden algemeen ingang op de markt.

De NHRPH heeft contact opgenomen met Comeos (vertegenwoordiger van winkels en diensten in België) die zegt op de hoogte te zijn van de situatie, maar niet in staat te zijn om er iets aan de doen. Comeos legt uit dat hij niet bevoegd is om een type toestel op te leggen; handelaars zijn vrij om het type bankterminal voor hun bedrijf te kiezen.

Sommige terminals lijken te kunnen worden uitgerust met een hoofdtelefoonaansluiting en geïntegreerde spraaksynthese.

3. ADVIES

De NHRPH veroordeelt deze situatie radicaal. De NHRPH is van mening dat alle klanten hun aankopen volledig toegankelijk, zelfstandig en veilig moeten kunnen uitvoeren en afronden. Het is immers onaanvaardbaar dat een klant moet worden bijgestaan wanneer hij of zij gevoelige private bankgegevens moet ingeven. Bovendien zou de bank, wanneer de betrokkene ermee instemt om zijn of haar code aan een derde te geven, weigeren om verdere gevolgen te aanvaarden.

Deze situatie is ook in strijd met de Europese Richtlijn 2019/882 van het Europees Parlement en de Europees Raad van 17 april 2019 betreffende de toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en diensten. Ze is ook in strijd met artikel 9 (Toegankelijkheid) van het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap, dat bepaalt:

  • “Teneinde personen met een handicap in staat te stellen zelfstandig te leven en volledig deel te nemen aan alle facetten van het leven, nemen de Staten die Partij zijn passende maatregelen om personen met een handicap op voet van gelijkheid met anderen de toegang te garanderen tot de fysieke omgeving, tot vervoer, informatie en communicatie, met inbegrip van informatie- en communicatietechnologieën en –systemen, en tot andere voorzieningen en diensten die openstaan voor, of verleend worden aan het publiek, in zowel stedelijke als landelijke gebieden.”

In de context van onze multiculturele en vergrijzende samenleving is de toegankelijkheid van producten en diensten een zeer hoge prioriteit geworden. De NHRPH herinnert eraan dat de overheid het elektronisch betalingsverkeer aanzienlijk wil uitbreiden. Tegelijkertijd zet de overheid als geheel zich sterk in voor een inclusievere samenleving (zie advies 2020-21). Mevrouw Karine Lalieux, de bevoegde Minister belast met Personen met een beperking, heeft de universele toegankelijkheid van alle goederen en diensten in het middelpunt van haar belangstelling geplaatst (zie advies 2020-25).

De NHRPH is van mening dat in de specificaties voor het gebruik van de terminals het aspect van toegankelijkheid voor iedereen moet worden opgenomen. Comeos moet de handelaren hierover adviseren en informeren. Zolang er hulpmiddelen op de markt zijn die niet voor iedereen toegankelijk zijn, moet informatie worden verstrekt over de toegankelijkheidsbeperkingen van een bepaald hulpmiddel. Als het apparaat kan worden uitgerust met aanpassingen die deze tekortkomingen beperken, mogen de extra kosten niet worden doorgerekend aan de handelaar en al helemaal niet aan de eindgebruiker. De NHRPH herinnert ook aan het bestaan van technische bureaus inzake toegankelijkheid zijn die de ontwikkeling van nieuwe of bestaande projecten kunnen ondersteunen.

De NHRPH roept de bevoegde ministers op om deze elementaire kwestie met spoed aan te pakken en de verantwoordelijkheden van elke actor - Comeos, handelaars en fabrikanten van digitale terminals - duidelijk vast te leggen. Voor alle nieuwe terminals die op de markt komen, moet de universele toegankelijkheid worden gegarandeerd, evenals de gebruiksveiligheid ervan.

4. BEZORGD

  • Voor opvolging aan mevrouw Karine Lalieux, Minister belast met Personen met een handicap
  • Voor opvolging aan de heer Pierre-Yves Dermagne, Vice-eersteminister en Minister van Economie en Werk
  • Voor opvolging aan mevrouw Eva De Bleeker, Staatssecretaris voor Begroting en Consumentenbescherming, toegevoegd aan de Minister van Justitie, belast met Noordzee
  • Voor opvolging aan de heer David Clarinval, Minister van Middenstand, Zelfstandigen, KMO’s en Landbouw, Institutionele Hervormingen en Democratische Vernieuwing
  • Voor opvolging aan mevrouw Sarah Schlitz, Staatssecretaris voor Gendergelijkheid, Gelijke Kansen en Diversiteit, toegevoegd aan de Minister van Mobiliteit
  • Ter informatie aan de heer Alexander De Croo, Eerste Minister
  • Ter informatie aan Unia
  • Ter informatie aan het UNCRPD-coördinatiemechanisme
  • Ter informatie aan de federale ombudsman