Ga naar de inhoud
Nationale Hoge Raad Personen met een Handicap

Advies 2014/21

Inschakelingsuitkering

Advies nr. 2014-21 betreffende artikel 63 van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering (inschakelingsuitkeringen). Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) uitgebracht op de plenaire vergadering van 22 december 2014

 

Aanvrager

Advies op eigen initiatief.

 

Onderwerp

Het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering (artikel 63) werd gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 28 december 2011, 28 maart 2014 en 29 juni 2014.

De inschakelingsuitkering, die op basis van de voltooide studie toegekend wordt aan werkzoekenden die niet (genoeg) gewerkt hebben, wordt voortaan voor een maximale duur van 36 maanden toegekend, die onder bepaalde voorwaarden verlengd kan worden.

 

Analyse

Aangezien het recht op de inschakelingsuitkering tot maximaal 36 maanden beperkt is in de tijd, lopen de eerste rechten af op 1 januari 2015.

Meer bepaald voor personen met een handicap voorziet de reglementering in een verlenging van de periode van de inschakelingsuitkering met twee jaar:

  • voor personen die leiden aan ernstige medische, mentale, psychische of psychiatrische problemen (MMPP's) en die niet onmiddellijk op de arbeidsmarkt ingeschakeld kunnen worden
  • voor personen met een blijvende arbeidsongeschiktheid van minstens 33 %

op voorwaarde dat ze tijdens deze periode zo goed mogelijk meewerken volgens het specifieke begeleidingstraject dat de gewestelijke diensten voor arbeidsbemiddeling met hen hebben uitgewerkt.

De Directie-generaal Personen met een handicap (DG PH) heeft een procedure opgezet om de dossiers van personen die een inkomensvervangende tegemoetkoming en/of een integratie-tegemoetkoming ontvangen en hun inschakelingsuitkering zullen verliezen, prioritair te behandelen.

Vroeger had de NHRPH voor die procedure al advies 2014-20 geformuleerd.

 

Advies

De kwestie is dringend aangezien de uitkering binnenkort wegvalt. Bijgevolg wil de NHRPH de voor die materie bevoegde regeringsleden nogmaals interpelleren.

Nu de maatregel binnenkort in werking treedt, is de NHRPH niet te spreken over de blijvende onduidelijkheid wat betreft zowel de al niet verstrekte informatie, het gebrek aan begeleiding van de betrokken personen, als de samenwerking tussen de RVA, de gewestelijke diensten voor arbeidsbemiddeling en de Directie-generaal Personen met een handicap om de dossiers van personen die een inkomensvervangende tegemoetkoming en/of een integratietegemoetkoming krijgen en hun inschakelingsuitkering zullen verliezen, met voorrang te behandelen.

De drie jaar tussen de afkondiging en de effectieve inwerkingtreding van de maatregel volstonden ruimschoots om het uitdoven van dit recht voor te bereiden en passend te begeleiden. De NHRPH stelt vast dat het dossier evenwel met spoed behandeld werd en dat de betrokken instellingen nauwelijks inspraak hadden, wat ten koste gaat van de getroffen personen.

Eind december 2014 hebben de bevoegde instellingen de DG PH nog steeds niet alle relevante en betrouwbare gegevens bezorgd over de personen die hun recht kunnen verliezen. Daardoor kan de DG geen financiële ondersteuning meer waarborgen voor een deel van het doelpubliek.

Die onzekerheid wordt nog versterkt omdat er nog vragen zijn over hoe de RVA bepaalde teksten in de praktijk moet interpreteren: rechthebbenden met een blijvende arbeidsongeschiktheid van minstens 33 % voor wie een verlenging van twee jaar mogelijk is, dreigen hun werkloosheidsuitkering vanaf 1 januari 2015 definitief te verliezen omdat zij zonder verdienvermogen zijn (ongeschiktheid > 66 %).

De NHRPH vraagt de overheid dringend de nodige maatregelen te treffen opdat de betrokken diensten optimaal kunnen samenwerken en de getroffen personen psychologisch en financieel zo goed mogelijk ondersteund kunnen worden. De Raad stelt voor te bekijken wat mogelijk is om de reglementering aan te passen en de maatregel later in werking te laten treden.

In deze eindejaarsperiode heeft iedere burger immers het recht correct geïnformeerd en gerustgesteld te worden over zijn concrete situatie en zijn toekomstperspectieven in de maatschappij.

 

Bezorgd

  • Voor opvolging aan de heer Kris Peeters, Minister van Werk
  • Voor opvolging aan mevrouw Elke Sleurs, Staatssecretaris voor Personen met een beperking
  • Ter info aan de heer Charles Michel, Eerste Minister
  • Ter info aan de heer Johan Van Overtveldt, Minister van Financiën
  • Ter info aan de heer André Gubbels, Directeur-generaal, DG Personen met een handicap
  • Ter info aan het Interfederaal Centrum voor gelijke kansen
  • Ter info aan het interfederaal coördinatiemechanisme
 .
 .