Terug naar hoofdinhoud

Advies 2010/12 - Formulier slechtzienden

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over het formulier "Verklaring voor het verkrijgen van een verminderingskaart voor het openbaar vervoer voor slechtzienden", uitgebracht tijdens de zitting van 15/03/2010


Aanvrager

Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

Leden van de NHRPH die verbonden zijn met verenigingen voor Blinden en Slechtzienden deelden mee dat een personeelslid van de Directie-generaal Personen met een handicap meerdere instanties, waaronder ook bepaalde verenigingen voor Blinden en Slechtzienden, gecontacteerd had met betrekking tot een voorstel waarop tot 5 februari opmerkingen konden geformuleerd worden.

Het voorstel houdt in "slechtzienden eveneens te verplichten om de aanvraag voor een verminderingskaart voor het openbaar vervoer in te dienen bij een gemeentebestuur, waarbij de aanvrager dan een verklaring zal krijgen voorzien van een barcode".

In antwoord op de vraag om verduidelijking vanwege de voorzitter van de NHRPH bevestigt de Directie-generaal dat "Het voorstel beoogt de serviceverlening voor de verwerking van de aanvraag van een verminderingskaart te verhogen, doordat het aanvraagformulier dat betrokkene bij het gemeentebestuur ontvangt, voorzien is van een barcode, waardoor de aanvraag op een trefzekere wijze in het behandelingscircuit bij de Directie-generaal Personen met een handicap terecht zal komen."


Advies

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap is geen vragende partij om de werkwijze voor het verkrijgen van de genoemde verminderingskaart, te wijzigen. De Raad dringt er daarentegen op aan de huidige situatie te behouden.

De verenigingen voor blinden en slechtzienden getuigen dat de verplaatsing naar het gemeentehuis, doorgaans zeer moeilijk is voor de betrokken personen. Het is dan ook raadzaam de betrokkenen niet te verplichten om zelf naar de gemeente te gaan.

Het ongemak waartoe deze personen verplicht zouden worden, weegt niet op tegen de verhoging van de genoemde serviceverlening.

Ten slotte wordt gevraagd de Franstalige versie van het formulier te herzien.


Bezorgd

Voor opvolging aan de heer André Gubbels, Directeur-generaal

Voor info aan

De heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap

Advies 2010/13 - Tewerkstelling

  • Jaartal advies: 2010

Advies over het ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden met het oog op het bevorderen van de tewerkstelling van werkzoekenden met een verminderde arbeidsgeschiktheid. Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH), uitgebracht tijdens de zitting van 15/03/2010.


Aanvrager

Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

Personen met een verminderde arbeidsgeschiktheid kunnen vanaf de eerste dag waarop zij ingeschreven zijn bij de bevoegde gewestelijke dienst voor arbeidsbemiddeling, en dit gedurende 24 maanden, genieten van een geactiveerde werkloosheidsuitkering van 500 euro per maand. Als personen met een verminderde arbeidsgeschiktheid worden beschouwd:

Niet-werkende werkzoekenden die voldoen aan de voorwaarden om ingeschreven te worden in een regionaal agentschap voor personen met een handicap; Niet-werkende werkzoekenden die voldoen aan de medische voorwaarden om te kunnen genieten van een inkomensvervangende tegemoetkoming of een integratietegemoetkoming ingevolge de wet van 27 februari 1987 op de tegemoetkoming aan personen met een handicap; Doelgroepwerknemers tewerkgesteld bij werkgevers die ressorteren onder het paritair comité nummer 327 voor sociale en beschuttende werkplaatsen, voor zover zij overstappen naar een reguliere tewerkstelling; De werkzoekende met een blijvende arbeidsongeschiktheid van 33 procent volgens de regels van de werkloosheidsreglementering.

Dit ontwerp van koninklijk besluit heeft betrekking op de aanwending van de middelen van het Tewerkstellingsfonds voor personen met een handicap.


Advies

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap wenst uitdrukkelijk te verwijzen naar de inhoud van eerdere adviezen met betrekking tot het gebruiken van de middelen van het Fonds voor Tewerkstelling van Personen met een handicap.

Met name in zijn advies van 16 februari 2009 wordt terzake het volgende meegegeven:

"De Raad kiest ervoor het geld te gebruiken voor het scheppen van bijkomende arbeidsplaatsen in de bedrijfssector. Het doel is zo vlug mogelijk tot realisaties te komen.

De voorkeur van de Raad gaat uit naar halftijdse tewerkstelling omdat hierdoor veel meer personen met een handicap kunnen ingeschakeld worden, en deze vorm van tewerkstelling ook beter tegemoetkomt aan de mogelijkheden van een meerderheid van personen met een handicap. Dit vereist nochtans niet alleen bewustmaking met betrekking tot de ontstane tewerkstellingsmogelijkheden voor personen met een handicap, het is bovendien ten overstaan van de werkgever ook meer nodig te pleiten voor deeltijds werk.

In cumulatie met tegemoetkomingen is dit ook voordeliger en kan de integratietegemoetkoming geheel of gedeeltelijk behouden blijven, wat eveneens het geval is van een aantal afgeleide rechten.

Deze tewerkstelling wordt voorbehouden aan zwaar gehandicapte personen.

De Raad herinnert ook aan de noodzaak op een steeds terugkomende wijze financiële middelen te voorzien, zodat projecten op langere termijn kunnen gelanceerd worden."

De Raad stelt vast dat er geen overeenkomst is tussen de bepalingen van het aan de orde zijnde ontwerp van koninklijk besluit en de doelgroep zoals geformuleerd in zijn advies.

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap dringt aan op een evaluatie van de getroffen maatregel na het aflopen van de voorziene termijn van 24 maanden.

De Raad vreest dat de middelen van het Fonds voor Tewerkstelling van personen met een handicap niet uitsluitend personen met een handicap ten goede komen.


Bezorgd

voor opvolging aan Mevrouw Joëlle Milquet, Vice-Eerste Minister en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en asielbeleid

ter info aan

  • De heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap;
  • De heer Paul Windey, Voorzitter Nationale Arbeidsraad
  • Het centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding.

Advies 2010/11 - Verhuis medische dienst

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over een mogelijke verhuis van de medische dienst, uitgebracht tijdens de zitting van 15/03/2010

Aanvrager

Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

Op de plenaire vergadering van 15 maart 2010 heeft het kabinet van de heer Staatssecretaris meegedeeld dat een verhuis van de medische dienst naar de De Brouckèretoren niet langer weerhouden wordt. De verwijdering van de aangetroffen hoeveelheden asbest is binnen de gestelde oogmerken niet haalbaar.

Voorgesteld wordt niet meer te zoeken naar een locatie als dusdanig maar trachten gebruik te maken van reeds bestaande medische kabinetten. In dit verband zou een mogelijke oplossing kunnen gevonden worden in het ziekenhuis "Clinique César De Paepe, Cellebroersstraat 11, 1000 Brussel, waar een verdieping zou kunnen aangewend worden voor de installatie van de medische dienst.


Advies

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap is van mening dat bij afwezigheid van duidelijkheid met betrekking tot de geplande verhuis van de FOD Sociale Zekerheid naar WTC III, het zoeken naar een tussenoplossing zich opdringt.

Nochtans mag niet uit het oog verloren worden dat elk voorstel tot een oplossing aan bepaalde vereisten moet voldoen. Deze eisen beperken zich niet alleen tot de toegankelijkheid van het gebouw als dusdanig: de toegankelijkheid van de omgeving en de bereikbaarheid met alle mogelijke verplaatsingsmiddelen zijn van groot belang.

De toegankelijkheid van gebouw en omgeving moet gecontroleerd worden door bevoegde deskundige instanties en gewaarborgd, zodat een verhuis zinvol is.


Bezorgd

voor opvolging aan

  • De heer Didier Reynders, Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Institutionele Hervormingen;
  • Mevrouw Marie-Caroline Pardon, Directeur-generaal Klantenbeheer van de Regie van de gebouwen

ter info aan

  • De heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap;
  • Het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding.

Advies 2010/10 - EU-Strategie 2020

  • Jaartal advies: 2010

Advies over het voorstel van de Europese Commissie met betrekking tot zijn strategie voor een slimme en inclusieve groei, uitgebracht tijdens de zitting van 15/03/2010


Aanvrager

Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

Het voorstel gaat uit van 3 prioriteiten: een slimme, duurzame en inclusieve groei

Het bepaalt dat er 5 doelstellingen worden nagestreefd:

  • 75 % van de bevolking tussen 20 en 64 jaar zou werk moeten hebben
  • 3 % van het BBP van de EU zou moeten worden geïnvesteerd in R&D
  • de "20/20/20" doelstellingen inzake klimaat en energie (waaronder een vermindering van de uitstoot met 30 % indien de juiste voorwaarden vervuld zijn) zouden moeten worden gehaald
  • het aantal schoolverlaters zou moeten worden teruggebracht tot minder dan 10% en ten minste 40% van de jonge generaties zouden een diploma van hoger onderwijs moeten behalen
  • het aantal door armoede bedreigde personen zou met 20 miljoen moeten worden verminderd

Advies

De NHRPH en het Belgian Disability Forum vzw kanten zich tegen de fundamenteel economische inslag van de Strategie en de flagrante wanverhouding tussen de economische pijlers en de sociale pijler. De groei en in tweede instantie de tewerkstelling worden naar voren gebracht als het wondermiddel tegen de crisis

De Europese en wereldwijde crisis heeft overduidelijk aan het licht gebracht dat de groei en de tewerkstelling geen bescherming bieden tegen de crisis ("ten minste 8 % van de werkende bevolking is arm"), noch een garantie is tegen de risico's van uitsluiting. Wel hebben studies aangetoond dat sociale promotie zorgt voor de vooruitgang van een samenleving en voor een zo groot mogelijke insluiting

Men kan niet anders dan vaststellen dat er geen enkele doelstelling inzake sociale insluiting is, terwijl het Verdrag van Lissabon dat thans op onbetwistbare wijze mogelijk maakt. De volledige opvang van de meest kwetsbare maatschappelijke groepen behoort niet tot de 5 prioriteiten van de Europese Unie! Moet men eraan herinneren dat Europa 60 miljoen personen met een handicap telt, en dat 1 op 6 arm is?

Personen met een handicap, net als andere kwetsbare groepen zoals vrouwen en ouderen, koesteren legitieme verwachtingen wat betreft autonomie en welzijn. Ze hebben al zwaar geleden onder de crisis en nemen in het voorstel van de Commissie geen enkel teken van toekomstige ondersteuning waar

De Belgische verenigingen van personen met een handicap verwachten dat de nieuwe Strategie 2020 degelijke antwoorden biedt op de volgende vlakken:

  • Sociale bescherming van alle Europese burgers
  • Toegang tot de minimuminkomens en oplossingen voor de beperkte activering
  • Toegang tot kwaliteitsvolle goederen en diensten
  • Versterking van de sociale economie en van de ontwikkeling van ESF's met sociale doeleinden
  • Gestructureerde deelname van de sociale actoren aan de besluitvorming (versterking van de OCM)

We vragen dat de Europese Unie de maatschappelijke vooruitgang voor allen tot een transversaal beleidspunt maakt, met ambitieuze doelstellingen en adequate indicatoren


Bezorgd

  • aan de Voorzitter van de Raad en van de Commissie, aan de Belgische Eerste Minister, aan de Minister van Sociale Zaken, aan de Minister van Tewerkstelling en Gelijke Kansen en aan de Staatssecretaris belast met Personen met een handicap, voor opvolging
  • aan de adviesraden van personen met een handicap, ter info
  • Raadplegingen: 6

Advies 2010/23 - Algemeen attest

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over het nieuw model van algemeen attest en over de nieuwe wijze waarop het sociaal tarief voor gas en elektriciteit wordt toegekend, uitgebracht tijdens de zitting van 20 september 2010, bevestigd op de zitting van 22 november 2010.


Aanvrager

Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

Wat betreft het algemeen attest

De leden van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap ontvingen op 27 mei 2010 een e-mailbericht met betrekking tot "de nieuwe modellen van de attesten die vanaf 1 juni 2010 gebruikt worden en de tekst van de brief die naar alle instellingen en verenigingen op 28/05/2010 zou gestuurd worden".

Dit bericht bevatte een voorbeeld attest in verband met de bijkomende kinderbijslag, inkomensvervangende en integratietegemoetkoming, tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden, voertuigen, de verhoogde verzekeringstegemoetkoming, maar geen voorbeeld van begeleidende brief.

De rubriek "Nieuws" van 28/05/2010 op de website www.handicap.be vermeldt dat het algemeen attest dat werd afgeleverd aan personen met een handicap die van sociale en fiscale maatregelen willen genieten, problemen veroorzaakte op het vlak van de begrijpelijkheid omdat het verwees naar medische erkenningscriteria die door de artsen van de FOD tijdens hun onderzoeken niet meer gebruikt worden. Daarom levert de Directie-generaal Personen met een handicap vanaf 1 juni 2010 een nieuw algemeen attest af waarvan het model "sterk vereenvoudigd" wordt genoemd.

De aangebrachte wijzigingen worden als volgt samengevat:

  • Er wordt alleen nog verwezen naar de criteria die tijdens de medische onderzoeken gebruikt worden. Deze criteria worden bepaald door de reglementeringen van:
  • - De bijkomende kinderbijslag;
  • - De tegemoetkomingen aan personen met een handicap;
  • - De vrijstelling van BTW op autovoertuigen.
  • Alleen de meest recente medische situatie van de persoon met een handicap wordt vermeldt. Als de persoon wil beschikken over de vroegere vaststellingen van zijn handicap dan kan hij een "historiek" van zijn medische situatie vragen aan het Contact Center of aan de maatschappelijke assistenten."

Dit nieuwsbericht bevat geen documenten.

Documenten zijn er wel in het nieuwsbericht van 27 augustus 2010, namelijk een nota met bijkomende uitleg over het nieuwe algemeen attest, voorbeeld attesten en de begeleidende brief.

In de nota wordt geantwoord op 2 vaak gestelde vragen:

  • Het niet meer vermelden van het percentage "invaliditeit" op het algemeen attest, want de wetgeving gebruikt geen criteria meer gesteund op percentages. De Directie-generaal verzoekt bijgevolg "de diensten of instellingen die attesten eisen op basis van dergelijke percentages, te verwijzen naar de criteria inzake handicap die gebruikt worden door de Directie-generaal tenzij ze zelf wensen in te staan voor het uitvoeren van de vaststellingen die ze vereisen."
  • Het niet meer vermelden van de sociale of fiscale maatregelen waarvoor het algemeen attest een recht opent. De Directie-generaal kent immers zelf deze voordelen niet toe, en wordt niet systematisch geïnformeerd door de betrokken diensten over de maatregelen die ze nemen ten gunste van personen met een handicap. Het algemeen attest is niet meer noodzakelijk voor bepaalde maatregelen omdat de betrokken instanties het attest rechtstreeks langs elektronische weg ontvangen. De nota geeft als bijlage een opsomming van de voordelen die op deze manier toegekend worden.

De NHRPH kreeg geen kennis van de inhoud van dit bericht.

Wat betreft het attest gas en elektriciteit

In een e-mailbericht van 30 maart 2010 wordt aan de leden van de Nationale Hoge Raad Personen met een Handicap meegedeeld dat beschermde klanten vanaf 1 juli 2009 automatisch het sociaal tarief krijgen op basis van een elektronische uitwisseling van de gegevens tussen de sociale instellingen en de energieleveranciers. De beschermde klanten moeten dus zelf geen initiatief nemen.

Indien deze werkwijze niet lukt dan wordt een papieren attest afgeleverd dat door de klant moet bezorgd worden aan zijn leverancier.

Een nieuwsbericht van 18 mei 2010 op de website van de Directie-generaal deelt mee dat het grootste deel van de personen met een handicap vanaf "dit jaar" automatisch genieten van het sociaal tarief, lukt dit niet dan ontvangen ze ten laatste op 31 mei een papieren attest.


Analyse

Hoewel de communicatie aan de leden onvolledig was, erkennen de leden van de NHRPH onvoldoende aandacht geschonken te hebben aan deze dossiers toen zij in het begin van de uitvoeringsfase beland waren. Naarmate via allerlei kanalen moeilijkheden gesignaleerd werden is de NHRPH zich bewust geworden van het probleem.

Het bureau van de NHRPH besprak de problematiek in zijn vergaderingen van 9 augustus en 6 september 2010. Het thema stond ook op de agenda van de plenaire vergadering van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap van 20 september 2010. Op deze vergadering bleek dat dit dossier heel wat leden en verenigingen die traditioneel met de NHRPH samenwerken, beroerd heeft: er is sprake van een algemeen en groot ongenoegen. Bovendien opmerkelijk zijn de negatieve reacties van leden die ook na deze vergadering rondgestuurd werden. Dit bewijst dat het om een reëel probleem gaat.

Uit de reacties blijkt ook dat personen met een handicap de doorgevoerde aanpassing als een groot probleem ervaren.

Opmerkingen

De leden van de NHRPH betreuren dat voor de opstelling van de nieuwe attesten niet met hen is samengewerkt, ook andere diensten die nochtans regelmatig met deze documenten geconfronteerd worden, zijn niet geraadpleegd.

Het meedelen van een percentage van de handicap wordt thans door de administratie achterwege gelaten omdat dit niet in overeenstemming is met de wetgeving sinds 1987. De leden van de NHRPH kunnen enkel maar vaststellen dat deze werkwijze gedurende 25 jaar werd toegepast en geen aanleiding gaf tot klachten vanwege de betrokken personen met een handicap. Zelfs indien er geen juridische basis is voor deze vermelding, dan heeft men wel gedurende jaren het idee laten bestaan dat dit wel kon. Deze handelswijze is intussen zo ingeburgerd dat de eenvoudige opheffing ervan onbegrijpelijk is geworden. De NHRPH merkt dan ook op dat in dergelijk geval de wet zich moet aanpassen aan wat de betrokkenen verwachten en niet omgekeerd.

Deze vermelding was in vele gevallen bovendien een handige manier om een bewijs van de handicap te leveren: er bestaat in ons land nu eenmaal geen legitimatiekaart daarvoor.

Het ontbreken van de omzetting van het aantal punten naar een percentage kan volgende problemen veroorzaken:

De beperking tot de strikt wettelijke formulering is geen dienstverlening aan de burgers. De vertaling van het aantal punten in een percentage is door de modale burger niet gekend ( IVT of 9 punten = 66% / 12 punten = 80 %), bijgevolg ontbreekt een deel van de informatie in de huidige context waarbij sommige voorzieningen nog steeds refereren naar arbeidsongeschiktheid, bijvoorbeeld ZIV, verhoogde kinderbijslag voor invaliden en sociaal telefoontarief; Men stelt zich de vraag of alle rechten worden uitgeput als men meent recht te hebben op 66% arbeidsongeschiktheid en toch geen 9 punten voor de integratietegemoetkomingen toegekend krijgt. Men kan eigen rechten niet zelf opvolgen, bijgevolg ontbreekt de informatie om eventueel tijdig beroep aan te tekenen. Zelf de informatie over het recht van de persoon om een beroep in te stellen tegen de beslissing ontbreekt. Door het ontbreken van het totaal aantal punten op domeinen waar geen rechten ontstaan, ontbreekt nu ook duidelijke informatie om beroepskansen in te schatten, met mogelijk meer nutteloze beroepsschriften tot gevolg (het grote verschil tussen toegekende en wenselijk geachte aantal punten was voor de hulpverleners soms een handig instrument om de gebruiker te overtuigen dat beroep geen realistische optie was). Indien voorzieningen hun wetgeving niet aanpassen en halsstarrig blijven aansturen op een bewijs van het percentage handicap verliest men zijn rechten. Deze instellingen zouden moeten overschakelen naar een aantal punten, wat ook voor deze diensten een hele aanpassing is. De gebruiker is slachtoffer van deze situatie.

Er wordt voor gevreesd dat de gebruiker vooral inzake gewestelijke, provinciale en gemeentelijke voordelen de dupe zal zijn.

Het niet meer vermelden van het percentage en de voordelen waarop de mensen recht hebben schept onduidelijkheid. De mensen worden dan doorverwezen naar gemeenten en sociale diensten.

Het nieuwe attest is klantonvriendelijkheid en maakt de mensen afhankelijk van sociale diensten. Maatschappelijk assistenten zien zich ook genoodzaakt contact te nemen met de FOD, ook zij vinden de attesten onduidelijk. Dit is bovendien een tijdrovende bezigheid.

Het attest vermeldt wel de juridische rechtsgrond, dit is doorgaans onbegrijpelijk voor iedereen, op uitzondering van de specialisten van de bedoelde wetgeving.

Het niet meer vermelden van het recht op een parkeerkaart geeft aanleiding tot rechtsonzekerheid. Vroeger werd het aantal punten toegekend op het criterium "verplaatsingsmogelijkheden" expliciet vermeld. Nu weet men niet meer of er een recht is.

Wel worden de aanvraagformulieren voor een parkeerkaart nu automatisch aangeboden indien van toepassing. Als de betrokkenen zelf niet reageren kan een hulpverlener achteraf niet meer vaststellen dat hier een recht op een parkeerkaart bestaat.

De FOD gaat er te gemakkelijk van uit dat iedereen via internet de nodige informatie kan bekomen.

Bovendien gaat het hier om een complexe materie: de bevolkingsgroep die de doelgroep is van de erkenning van de handicap heeft recht op meer dan een doodgewone notificatie als informatie over zijn rechten.

Wat betreft de toekenning van de sociale maximumprijzen voor gas en elektriciteit is er ook grote onduidelijkheid. De betrokken personen hebben geen zekerheid dat hun attest wel degelijk bij de leverancier is toegekomen, want zij krijgen hoe dan ook hier geen bericht over. De mogelijkheid bestaat immers dat zij het toch nog zelf moeten aanvragen. Er worden heel wat klachten gesignaleerd over het functioneren van het automatisme. Als de persoon dan een duplicaat aanvraagt bij de FOD om alsnog van zijn voordeel te kunnen genieten wordt dit dikwijls geweigerd, dit schept uiteraard nieuwe problemen.

Er is ook sprake van een communicatieprobleem tussen de FOD en de energieleveranciers. In dit kader wordt opnieuw gewag gemaakt over het gebrekkig functioneren van de telefonische hulpverlening.


Advies

Er moet meer en beter gecommuniceerd worden, met de instanties die voordelen toekennen, met de personen met een handicap die de voordelen moeten ontvangen, met de instellingen en verenigingen die betrokken zijn bij de interpretatie ervan, met de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap die het officiële orgaan is om bij projecten over aanpassingen en de klachten die ze teweegbrengen betrokken te worden.

De FOD is een openbare dienst die een erkenning van de handicap aflevert die recht geeft op meerdere sociale voordelen. Elke persoon die zich in een dergelijke situatie bevindt heeft het recht volledig geïnformeerd te worden over de gevolgen van deze erkenning.

Elektronische uitwisselingen zouden leiden tot administratieve vereenvoudiging, de betrokkene moet zelf niets meer doen. Maar de betrokkene mag omwille van administratieve vereenvoudiging zijn rechten niet verliezen, alles wordt praktisch zonder zijn medeweten geregeld, hopelijk op een goede manier, want persoonlijk ingrijpen wordt zeer moeilijk.

In hun huidige vorm zijn de attesten voor de sector van de personen met een handicap onaanvaardbaar.

Door het weglaten van de vermelding van percentages en sommige puntenscores verdwijnt heel wat informatie aan de gebruiker en/of de dienst die de gebruiker begeleid bij het uitputten van zijn rechten. De NHRPH vraagt bijgevolg dat deze vermelding hoe dan ook opnieuw op het attest voorkomt.

De leden van de NHRPH vragen dat alle voordelen waarvoor de betrokken persoon in aanmerking komt opnieuw vermeld worden. Bovendien moet vermeld worden welke voordelen automatisch worden toegekend en welke voordelen nog moeten aangevraagd worden.

Wat betreft de attesten voor de levering van gas en elektriciteit wordt voorgesteld te streven naar een principeakkoord waarin het voordeel met terugwerkende kracht kan toegekend worden. In de meeste gevallen is men immers zelf niet meer verantwoordelijk voor het tijdig bezorgen van het attest.

Het proces van erkenning van de handicap blijft een belangrijke en moeilijke fase voor personen met een handicap. De formulering in een kennisgeving of een erkenning begrijpen en in mensentaal omzetten maakt deel uit van het bewustwordingsproces van de persoon. Het document « immaterieel maken » door het om te zetten in een « juridisch verstarde » taal betekent niet voor personen met een handicap dat meer rekening wordt gehouden met « hun levensverhaal ». Daarenboven zullen de complexiteit van het Belgisch stelsel en de geringe leesbaarheid van de verschillende wetteksten (sociale, fiscale voordelen, ...) het nog moeilijker maken voor doorgaans achtergestelde doelgroepen.

Deze nieuwe attesten zijn niet efficiënt en zijn niet aanvaardbaar voor de sector van de handicap en van het maatschappelijk werk. Ze roepen een aantal onderliggende vragen op. Laten we hopen dat de verschillende betrokken partijen de gelegenheid te baat zullen nemen om rond de tafel te gaan zitten en na te denken over de verschillende achterliggende vragen en problemen.


Bezorgd

voor opvolging aan:

De heer André Gubbels, Directeur-generaal van de Directie-generaal Personen met een handicap

ter info aan:

  • De heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • Het centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding.

Advies 2009/01 - THAB

  • Jaartal advies: 2009

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) uitgebracht op de plenaire vergadering van 2 februari 2009.


Aanvrager

Advies op vraag van de Staatssecretaris voor personen met een handicap.


Onderwerp

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap heeft in vergadering van 2 februari 2009, unaniem een positief advies uitgebracht met betrekking tot het ontwerp van koninklijk besluit houdende wijziging van artikel 4 van het koninklijk besluit van 5 maart 1990 betreffende de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden.


Analyse

De Raad is er over verwonderd dat de beslissing blijkbaar in Ministerraad van 15 januari 2009 al genomen werd, en zijn advies bijgevolg niet meer ter zake is, want geen enkele invloed meer heeft.

De Raad betreurt niet voor advies te zijn geraadpleegd, zoals wettelijk nochtans voorzien, en zelfs niet op de hoogte gebracht te zijn van het voornemen van de Regering. De Raad wil er in dat verband op wijzen dat zijn bureau op 12 januari vergaderde en het huishoudelijk reglement voorziet in een dringende adviesverlening, waardoor een ontwerp van advies, opgesteld door het bureau, via een procedure met behulp van de elektronische post, zeer vlug de instemming kan krijgen van de leden van de Raad.

De Raad verheugt er zich over dat de Regering heeft ingestemd met de verhoging met 2% van het bedrag van de inkomensvervangende tegemoetkoming, en is tevreden met de huidige maatregel waardoor de vrijstelling op het inkomen voor de berekening van de tegemoetkoming voor hulp aan bejaarden wordt opgetrokken.

Dit zijn allemaal maatregelen die een gunstige weerslag hebben op de situatie van personen die afhankelijk zijn van de tegemoetkomingen van het bijstandsstelsel, met name de zwakste categorieën van de samenleving.


Advies

De Raad acht het evenwel noodzakelijk er in dit kader de aandacht op te vestigen ervan bewust te blijven dat alle groepen die zich in een precaire situatie bevinden, op begrip rekenen.

Bijgevolg herhaalt de Raad zijn pleidooi om ook voor de personen met een handicap die een integratietegemoetkoming genieten een gunstige maatregel te treffen, zoals voorgesteld in zijn advies van 15 december 2008 met betrekking tot de welvaartsaanpassing, namelijk:

  • De verhoging, voor de berekening van de integratietegemoetkoming, van de grensbedragen van de categorievrijstelling, toegepast op de "andere" inkomens van de persoon met een handicap (zoals onderhoudsgeld, inkomen partner dat de grens overschrijdt, ...) tot het bedrag van de inkomensvervangende tegemoetkoming. De Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap laat bovendien binnen het kader van deze maatregel opmerken dat het absoluut noodzakelijk is in de toekomst te vermijden dat afwijkingen ontstaan tussen de bedragen van deze categorievrijstelling en de bedragen van de inkomensvervangende tegemoetkoming, wat op dit ogenblik het geval is. Beide bedragen moeten integendeel steeds in dezelfde zin verhoogd worden zoals dat vóór 2003 ook het geval was. Bijgevolg stelt de Raad voor dat wat betreft de reglementaire teksten, teruggekeerd wordt naar de formulering zoals ze bestond vóór 2003: namelijk dat de categorievrijstelling moet overeenkomen met het jaarlijks bedrag van de overeenstemmende inkomensvervangende tegemoetkoming.
  • De verhoging van de bedragen van de integratietegemoetkoming voor categorie 1 en 2.

Bezorgd

  • Aan mevrouw Julie Fernandez-Fernandez, Staatssecretaris voor personen met een handicap.

Advies 2010/17 - Station Veltem

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over het station van Veltem, uitgebracht tijdens de zitting van 20/09/2010


Aanvrager

Advies uitgebracht op vraag van B-Holding tijdens de werkgroepvergadering van 24/06/2010


Onderwerp

Inplanting noppentegels in een bestaande situatie in het station van Veltem


Analyse

Het gaat om een trap die naar boven leidt van een onderdoorgang naar een driehoekig bordes, waarna er een afdaling van twee treden is naar het trottoir. Voor mensen met een visuele handicap is een onaangekondigde afdaling gevaarlijk


Advies

Het einde van het bordes (kant benedendoorgang) moet aangekondigd worden met een noppenstrook van 30 cm evenwijdig met de afdaling

Aangezien de NHRPH een adviesorgaan is, zijn de opmerkingen van algemene aard. Er wordt een positief advies uitgebracht onder de volgende voorwaarden:

  • -Er moet rekening gehouden worden met de opmerkingen van het advies
  • -Voor de concrete technische details is het advies van een technisch toegankelijkheidsbureau nodig
  • -De NHRPH wenst op de hoogte gehouden te worden van de evolutie van het dossier

Bezorgd

  • voor opvolging aan
  • - B-Holding
  • - Infrabel
  • - NMBS Mobility
  • ter info
  • - aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • - aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • - aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/16 - Station Aalst

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over de heraanleg van de stationsomgeving van Aalst, uitgebracht tijdens de zitting van 20/09/2010


Aanvrager

Advies uitgebracht op vraag van B-Holding tijdens de werkgroepvergadering van 24/06/2010


Onderwerp

De stad Aalst voert een studie naar de heraanleg van de stationsomgeving. B-Holding praat hierover met het stadsbestuur.


Analyse

Het is belangrijk dat er een goed en overzichtelijk parcours voorzien wordt voor personen met een handicap. Ieder kruispunt moet aangeduid zijn met een rubbertegel, maar het geheel mag geen spinnenweb van geleidelijnen worden.


Advies

Er wordt voorgesteld om een geleidelijn te richten naar de muur tussen beide trappen. Dit beperkt het aantal geleidelijnen

Een andere mogelijkheid om het aantal geleidelijnen te beperken is het voorzien van één deur vooraan de lift i.p.v. deuren aan de zijkanten (dit heeft weliswaar als nadeel dat de doorgangsruimte voor passerende reizigers beperkter wordt)

Opmerking: liften die een draaibeweging van de reiziger binnenin vergen dienen grotere binnenafmetingen te hebben

Om een onderscheid te maken tussen voetgangers- en fietserszone wordt bij voorkeur een ander bevloeringstype gebruikt

Overleg met de stad en met Infrabel is noodzakelijk om een goede aansluiting van het station op de perrons en de omgeving te verzekeren

Aangezien de NHRPH een adviesorgaan is, zijn de opmerkingen van algemene aard. Er zal dan ook maar een positief advies kunnen uitgebracht worden onder de volgende voorwaarden:

  • - Er moet rekening gehouden worden met de opmerkingen van het advies
  • - Voor de concrete technische details is het advies van een technisch toegankelijkheidsbureau nodig
  • - De NHRPH wenst op de hoogte gehouden te worden van de evolutie van het dossier

Bezorgd

  • voor opvolging aan
  • - B-Holding
  • - Infrabel
  • - NMBS Mobility
  • ter info
  • - aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • - aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • - aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/18 - Station Brussel-West

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over het station van Brussel West, uitgebracht tijdens de zitting van 20/09/2010


Aanvrager

Advies uitgebracht op vraag van B-Holding op 24/06/2010


Onderwerp

Reling/handgrepen in inox


Analyse

De vraag is of het contrast van inox voldoende groot is voor personen met een visuele handicap. Door de reflectie is het contrast van inox erg variabel. Het contrast wordt bepaald door de positie van de waarnemer en de zon, de gecombineerde materialen (zoals de glazen wanden), etc.


Advies

  • Wegens de technische kant van deze adviesaanvraag, kan de NHRPH geen definitief advies uitbrengen. Hier is het advies van een technisch toegankelijkheidsbureau nodig
  • Er bestaan adviezen van andere instanties voor vergelijkbare situaties
  • De NHRPH wenst op de hoogte gehouden te worden van de evolutie van het dossier

Bezorgd

  • voor opvolging aan
  • - B-Holding
  • - Infrabel
  • - NMBS Mobility
  • ter info
  • - aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • - aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • - aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/19 - Trapleuningen in stations

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over tactiele inlichtingen op trapleuningen in stations, uitgebracht tijdens de zitting van 20/09/2010


Aanvrager

Advies uitgebracht op vraag van Infrabel tijdens de werkgroepvergadering op 24/06/2010


Onderwerp

Infrabel: hoe staat de NHRPH tegenover tactiele markeringen op trapleuningen in stations?


Analyse

Voor mensen met een visuele handicap moeten tactiele inlichtingen zich niet op dezelfde plaats bevinden als zichtbare info. Enkele opmerkingen:

  • Positie: niet volledig aan de achterzijde, wel binnen 'handbereik', bovenaan
  • Reliëf: Traditionele letters in reliëf (niet braille) zijn niet van betekenis voor personen met een visuele handicap
  • De voorschriften van Revalor moeten gevolgd worden

Advies

Aangezien de NHRPH een adviesorgaan is, zijn de opmerkingen van algemene aard. Er zal dan ook maar een positief advies kunnen uitgebracht worden onder de volgende voorwaarden:

  • Er moet rekening gehouden worden met de opmerkingen van het advies
  • Voor de concrete technische uitwerking is het advies van een technisch toegankelijkheidsbureau nodig
  • De NHRPH wenst op de hoogte gehouden te worden van de evolutie van het dossier

Bezorgd

  • voor opvolging aan
  • - B-Holding
  • - Infrabel
  • - NMBS Mobility
  • ter info
  • - aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • - aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • - en aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/08 - Inactiviteitsvallen

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH), uitgebracht tijdens de zitting van 18/01/2010, over het verslag Inactiviteitsvallen bij personen met een arbeidshandicap, geschreven door het Centrum voor Sociaal beleid Herman Deleeck in opdracht van de Vlaamse Minister van tewerkstelling


Aanvrager

Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

Het Centrum voor Sociaal beleid Herman Deleeck heeft een verslag over Inactiviteitsvallen bij personen met een arbeidshandicap geschreven in opdracht van de Vlaamse Minister van tewerkstelling


Analyse

Op 19 oktober 2009 had de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) de gelegenheid een voorstelling van dit verslag te horen

Volgend op deze presentatie werd dit document grondig bestudeerd door de werkgroep tewerkstelling van de NHRPH. De NHRPH heeft het Centrum voor Sociaal beleid Herman Deleeck de volgende vragen gesteld:

  • Welke basis van berekening heeft het Centrum gebruikt om dit verslag te onderbouwen?
  • Wat is nu de stand van zaken in verband met de herziening van deze berekening, namelijk in verband met het gebruik van de aftrek van de onkosten en in verband met het inkomen van de partner van de persoon met een handicap?

Advies

De NHRPH wenst te benadrukken dat de integratietegemoetkoming niet op hetzelfde niveau als een inkomst kan beschouwd worden


Bezorgd

  • voor opvolging aan de heer Philippe Muyters, Vlaams Minister van Werk
  • ter info aan Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken, belast met Personen met een handicap

Advies 2010/07 - VN-Verdrag

  • Jaartal advies: 2010

Advies over de toepassing op Belgisch federaal vlak van artikel 33 van het VN-Verdrag over de rechten van de personen met een handicap. Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) uitgebracht tijdens de zitting van 22/02/2010


Aanvrager

Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

Het VN-Verdrag is in werking getreden op 1 augustus 2009. Artikel 33 van het Verdrag bepaalt dat de Staten een opvolgingsstructuur moeten uitwerken met:

  • Artikel 33.1 - in hun administratieve organisatie:
  • - een of meer contactpunten belast met de uitvoering van dit Verdrag
  • - een coördinatiesysteem
  • Artikel 33.2: een of meer onafhankelijke instanties om het Verdrag te bevorderen, te beschermen en op te volgen. Deze instantie moet beantwoorden aan de 'Criteria van Parijs' en moet het maatschappelijk middenveld daarnaast betrekken bij de opvolging

Uiterlijk 1 augustus 2011 moet België een eerste verslag indienen bij de VN, dat prioritair moet berichten over de toepassing van artikel 33 door België


Analyse

De NHRPH had op 25 april 2008 een eerste advies ingediend betreffende de samenstelling van de onafhankelijke instantie (artikel 33.2). Uit de ter sprake gebrachte formules werd ervoor gekozen de adviesraden (als voornaamste vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld) te betrekken bij een basisstructuur die, in wisselwerking met de administratie (artikel 33.1), fundamenteel efficiënt wil zijn en bijgevolg een beperkt aantal deelnemers moet hebben ('Commissie voor de rechten van personen met een handicap' genoemd)

Dit advies werd doorgezonden naar de Eerste Minister, de Minister van Buitenlandse Zaken en de Staatssecretaris voor Personen met een handicap


Advies

Sinds twee jaar heeft de NHRPH zijn analyse van artikel 33 aangevuld met Belgische en buitenlandse expertise. Hij wenst te verwijzen naar zijn advies door, voor de oprichting van de onafhankelijke instantie (artikel 33.2), de nadruk te leggen op de volgende aspecten:

  • naleving van alle vereisten en de filosofie van het VN-Verdrag
  • naleving van de 'Criteria van Parijs' bij de samenstelling van de onafhankelijke instantie
  • handystreaming: effectieve deelname van de adviesraden:
  • - aan het denkwerk en de besluitvorming voor alle beleidslijnen en beslissingen
  • - aan de rapportering (artikel 35.4)
  • beperking van het stemrecht in de onafhankelijke instantie tot uitsluitend de vertegenwoordigers van de adviesraden
  • ter beschikking stelling van personeel en financiële middelen voor de ondersteuning van de efficiëntie, onafhankelijkheid en bestendigheid van de onafhankelijke instantie
  • structurering van de relaties tussen de onafhankelijke instantie en het coördinatiesysteem

De NHRPH benadrukt tevens de verplichting van de Staat om "in het kader van de ontwikkeling tot uitvoering van dit Verdrag, ... nauw overleg te plegen met personen met een handicap en hen actief daarbij te betrekken ... via hun representatieve organisaties" (artikel 4.3)


Bezorgd

Voor opvolging aan de heer de Eerste Minister en de heer Staatssecretaris voor Personen met een handicap

Advies 2010/20 - Station Oostende

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over het station van Oostende, uitgebracht tijdens de zitting van 20/09/2010, op vraag van Infrabel tijdens de werkgroepvergadering van 24/06/2010


Aanvrager

Advies op vraag van Infrabel


Onderwerp

Er is een probleem met een perron dat lokaal te smal is (kop van het perron), wat een risico inhoudt voor de veiligheid van de passagiers


Analyse

Aangezien sommige treinen langer zijn dan de 'veilige' zone van het perron in kwestie, zullen passagiers onvermijdelijk uitstappen in de smallere zone (kop van het perron). Vooral voor personen met een visuele handicap stelt zich een veiligheidsprobleem. Het komt er dus op aan van de mensen veilig naar het deel van het perron te leiden waar de vereiste minimumbreedte gehaald wordt


Advies

Het einde van het perron moet alvast afgesloten zijn voor passagiers

Noppentegels moeten de uitstappende passagiers meteen wijzen op het veiligheidsrisico. Die noppentegels moeten doorlopen tot op de plaats waar het perron de vereiste minimumbreedte heeft

Aangezien de NHRPH een adviesorgaan is, zijn de opmerkingen van algemene aard. De aanwezigheid van technische elementen noopt de NHRPH een negatief advies te geven. Er kan wel nog een positief advies volgen wanneer de volgende voorwaarden vervuld zijn

Er moet rekening gehouden worden met de opmerkingen van het advies

Voor de concrete technische elementen is het advies van een technisch toegankelijkheidsbureau nodig

De NHRPH wenst op de hoogte gehouden te worden van de evolutie van het dossier


Bezorgd

  • voor opvolging aan B-Holding, Infrabel en NMBS Mobility
  • ter info aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap, aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven, en aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/15 - Station Brussel-Noord

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over het station Brussel-Noord uitgebracht tijdens de zitting van 20/09/2010


Aanvrager

Advies op vraag van NMBS-Holding tijdens de werkgroepvergadering van 24/06/2010


Onderwerp

Herinrichting van het stationsgebouw en de tunnels naar de perrons in Brussel Noord


Analyse

In dit belangrijke station zijn er werkzaamheden aan de gang. Hierbij mag de persoon met een handicap niet vergeten worden. De vloertegels moeten behouden blijven. In het gebouw en zeker in de tunnels moet rekening gehouden worden met de concessiehouders die er commerciële ruimtes bezetten en mogelijk de natuurlijke geleidelijn voor blinden en slechtzienden onderbreken (lege glazen vitrines met weinig contrast, open deuren,...). Er bestaan al oudere gereviseerde plannen voor Brussel Noord


Advies

Het ontwerp moet gecheckt worden aan de hand van Revalor 2009

De oude plannen moeten ook opgediept worden om geen problemen te veroorzaken die al eerder opgemerkt en opgelost werden

Bij het uitwerken van de voorzieningen voor blinden en slechtzienden dient voor de veiligste weg gekozen te worden (bv geen geleidelijn naar de roltrap)

Om een wirwar van kruispunten en geleidelijnen naar alle mogelijke doorgangen te voorkomen komt er best één duidelijke lijn die de persoon met een handicap veilig van de verschillende ingangen naar de perrons leidt via een vaste trap met reling

In het midden van het smallere deel moet een geleidelijn, natuurlijk of niet, de personen met een visuele handicap naar de veilige zone leiden

Naar buiten toe moet er ook een lijn leiden naar de Kiss & Ride. De lijn moet leiden naar één enkel veilig punt waar auto's kunnen stoppen om iemand af te zetten of op te pikken

In het reglement voor de concessiehouders moet het volgende voorzien worden:

  • geen hindernissen buiten de zaak
  • geen ramen of deuren die naar buiten openstaan
  • lege vitrines vermijden door er iets te plaatsen of een contrasterend materiaal aan te brengen

Voor een veilige en duidelijke weg van station naar perron en omgekeerd is er een goede coördinatie nodig tussen Infrabel en B-Holding. Ook de andere bevoegde instanties (Hoofdstedelijk Gewest, Brussels Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg, Service bruxellois francophone des Personnes handicapées, de stad Brussel, Sint-Joost-ten-Node, Schaarbeek, ...) moeten betrokken worden

Coördinatie tussen het ontwerp voor de onderdoorgang (NMBS-Holding)en perrons (Infrabel) is noodzakelijk

De link met het MIVB-gedeelte dient nog besproken te worden met de bevoegde instantie

Aangezien de NHRPH een adviesorgaan is, zijn de opmerkingen van algemene aard. De aanwezigheid van technische elementen noopt de NHRPH een negatief advies te geven. Er kan wel nog een positief advies volgen wanneer de volgende voorwaarden vervuld zijn:

  • Er moet rekening gehouden worden met de opmerkingen van het advies
  • Voor de concrete technische details is het advies van een technisch toegankelijkheidsbureau nodig.
  • De NHRPH wenst op de hoogte gehouden te worden van de evolutie van het dossier

Bezorgd

  • Voor opvolging aan NMBS-Holding, Infrabel en NMBS Mobility, MIVB, Hoofdstedelijk Gewest, Brussels Regionaal Overleg Gehandicaptenzorg, Service bruxellois francophone des Personnes handicapées, de stad Brussel, Sint-Joost-ten-Node,Schaarbeek
  • Ter info aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap, aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven, en aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/14 - NMBS audit

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over regelgeving en opvolging bij de NMBS, uitgebracht tijdens de zitting van 21/06/2010.


Aanvrager

Advies uitgebracht op vraag van NMBS-Holding


Onderwerp

In het kader van een audit van de maatschappijen van de NMBS Group vraagt NMBS Holding documentatie en cijfermateriaal over de toegankelijkheid van het Belgische treinwezen naar personen met een handicap toe, meer bepaald over de kloof tussen de toegankelijkheid zoals die bepaald is in wetten, regels en afspraken (VN-Verdrag inzake de rechten van de personen met een handicap, wetgeving, Revalor, etc.) en de praktijk zoals ze door het publiek, meer bepaald door de gebruiker met een handicap en de organisaties die personen met een handicap vertegenwoordigen, wordt ervaren. Ook wil NMBS Holding weten hoe er met die afwijking wordt omgegaan: wordt die aanvaard, aangepakt, bestraft,...?


Analyse

Voorlopig verloopt de samenwerking tussen de NHRPH en de maatschappijen van de NMBS Group als volgt:

Voor de toegankelijkheid van treinen, perrons, stations, enz. waarvoor een van de maatschappijen van de NMBS Group verantwoordelijk is, is naast de bestaande regelgeving Revalor de norm. Bij aanpassingen en nieuwe infrastructuren wordt in principe Revalor gevolgd. Wanneer er zich hierbij een situatie voordoet die niet (volledig) in overeenstemming is met Revalor, deelt de betrokken maatschappij dat mee aan de NHRPH, waarna dat punt op de agenda van de volgende werkgroepvergadering wordt gezet. Op de vergadering wordt de situatie geëvalueerd in samenspraak met de maatschappij, architecten, enz. Er kan dan beslist worden om de situatie uitzonderlijk te accepteren of om oplossingen of alternatieven voor te stellen. Wanneer nodig wordt ook Revalor aangepast of uitgebreid om in de toekomst een antwoord te bieden in vergelijkbare situaties. Voor de technische kant van de zaak wordt steeds doorverwezen naar een technisch bureau voor toegankelijkheid.

De NHRPH behandelt de thema's die de NMBS Group aanreikt en brengt daarna advies uit. Dat is dan positief of negatief, meestal vergezeld van suggesties tot verbetering. Wanneer de maatschappij de voorgestelde wijzigingen uitvoert, is er daarna meestal nog een reactie van de NMBS betreffende de plannen, maar van een doorgedreven opvolging met gebruikersevaluatie is voorlopig geen sprake.

De NHRPH heeft niet de middelen in huis om systematisch na te gaan of er nog andere probleemsituaties i.v.m. het spoorverkeer in België op de agenda moeten komen. Toch maakt de NHRPH soms ook spontaan vragen en adviezen over aan de betrokken maatschappij van de NMBS Group.

Over stations en perrons krijgt de NHRPH heel wat adviesaanvragen, maar over de treinstellen die in gebruik zijn dan weer niet, hoewel er op dat vlak ook geregeld toegankelijkheidsproblemen zijn

Er bestaat voor de samenwerking tussen de NMBS Group en de NHRPH nog geen officiële validatie- of acceptatieprocedure. Tijdens een vergadering met NMBS Holding op 27/05/2010 werd voorgesteld om een officiële validatie- of acceptatieprocedure in het leven te roepen op grond van stapsgewijze toetsing en transversale betrokkenheid, wat alle leden van de werkgroep een goed idee vonden

De NHRPH heeft niet de financiële middelen of technische expertise om de gevraagde informatie (cijfermateriaal, documentatie, bevraging van de gebruikers met een handicap, etc.) te verkrijgen of te verschaffen

Als adviesorgaan kan de NHRPH geen sancties opleggen of ingrepen afdwingen. De NHRPH brengt enkel een publiek advies uit.


Advies

In de huidige omstandigheden is de NHRPH niet in staat de informatie te bieden waar NMBS Holding om vraagt. Een degelijke validatie- of acceptatieprocedure zou al een stap in de goede richting zijn. Tijdens de werken kan immers beter, sneller en goedkoper ingegrepen worden dan achteraf. De NHRPH benadrukt wel dat de rol van de NHRPH en de visie van de gebruiker bij dat proces nauwkeurig moeten worden bepaald.


Bezorgd

  • voor opvolging aan B-Mobility (NMBS)
  • ter info aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap; aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven en aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/21 - RIZIV

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over het experimenteel project "Terbeschikkingstelling van hulpmiddelen" bij het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering, uitgebracht tijdens de zitting van 20/09/2010.

Aanvrager


Advies op initiatief van de NHRPH


Onderwerp

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap is informeel op de hoogte van het experimenteel project "Terbeschikkingstelling van hulpmiddelen" dat voorbereid wordt bij het RIZIV

Het project heeft als doel een gratis (dit is zonder supplement voor de patiënt) en snel systeem op te zetten voor de terbeschikkingstelling van technische hulpmiddelen (mobiliteitshulpmiddelen, spraakcomputer, omgevingsbesturing, enz.) voor patiënten met Amyotrofe Lateraal Sclerose (ALS) van alle leeftijden die in België wonen. Een budget voor de invoering van het experiment en het hergebruik van hulpmiddelen is voorzien

Het systeem zou beheerd worden door de vzw (patiëntenvereniging, enz.) die contracten met de erkende verstrekkers afsluit voor het afleveren van het materiaal in het kader van de ziekteverzekering (stocks, contact met de patiënt, enz ...)

Er zou een begeleidingscomité worden opgericht met vertegenwoordigers van de vzw, van het College van Geneesheren-directeurs en van het bestuur van het RIZIV en van de Fondsen voor de evaluatie en opvolging van het project


Advies

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap merkt op reeds in juli 2009 schriftelijk informatie te hebben gevraagd met betrekking tot dit project, maar nooit een antwoord ontvangen te hebben

De Nationale Hoge Raad vertegenwoordigt alle handicaps en stelt daarom uitdrukkelijk, op de hoogte te willen zijn van de evolutie van het project. Dit advies is slechts een reactie op een eerste voorstel dat sindsdien ter discussie is geweest. De NHRPH dringt er bijgevolg op aan in kennis te worden gesteld van de recentste documenten

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap stemt er mee in dat elk experiment dat ertoe leidt de betrokkenen sneller over het juiste hulpmiddel te laten beschikken, moet uitgevoerd worden

Dit is bijgevolg een goed experiment dat ernstig moet geëvalueerd worden zodat een goede regeling kan uitgebouwd worden

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap komt op voor de verdediging van de belangen van alle personen met een handicap, zonder onderscheid te maken naargelang de soort van handicap. Vanuit deze opdracht pleit de NHRPH er dan ook zeer sterk voor de doelgroep van dit experiment, en van het op te zetten systeem, niet te beperken tot patiënten met ALS. Het is niet enkel de Amyotrofe Laterale Sclerose die aanleiding geeft tot een snel degeneratieve aandoening, ook andere handicaps kunnen snel evolueren, bijvoorbeeld sommige MS-aandoeningen, bepaalde kankergevallen,... Het is voor de CSNPH dan ook belangrijk dat alle patiënten die een dergelijke situatie meemaken snel kunnen bijgestaan worden

Voortbouwend op dezelfde gedachtegang vindt de Nationale Hoge Raad het niet wenselijk slechts één enkele vereniging in te schakelen voor de verdeling van de hulpmiddelen en slechts één vereniging te betrekken in het begeleidingscomité. Omdat elke vorm van belangenvermenging moet vermeden worden pleit de NHRPH voor de begeleiding van dit experiment door een autonome stuurgroep waarvan ALS-Liga slechts een onderdeel is naast andere verenigingen, ondergebracht bij het RIZIV. Ook de NHRPH kan hier een bijdrage leveren

De NHRPH dringt er in dit verband op aan dat de discussie met meerdere representatieve verenigingen wordt voortgezet

Het is voor de NHRPH niet duidelijk hoeveel proefjaren voorzien zijn, de Raad is voorstander van geen te lange periode, bijvoorbeeld maximum 2 jaar

De NHRPH kan zich voor het overige akkoord verklaren met volgende beginselen:

  • De onderzoeks- en leveringstermijn met betrekking tot de technische hulpmiddelen maximaal inkorten
  • Het beschikken over een voorziening die toelaat het zeer snelle verloop van de ziekten op te volgen door middel van de geschikte technische hulp op het geschikte moment voor de geschikte persoon
  • Het beschikken over leveranciers die goed vertrouwd zijn met de ziekten en aan de behoeften van de personen met het geschikte materieel kunnen tegemoetkomen
  • De tussenkomst moet een evolutief karakter hebben (geen technisch hulpmiddel leveren dat niet verenigbaar zal zijn met een meer specifieke hulp: bijvoorbeeld een elektrische rolstoel waarvan de elektronica onverenigbaar zou zijn met een Easy rider, een Easy Mouse of een andere omgevingsbesturing
  • Een systeem voorzien van ophalen en terbeschikkingstelling van het materieel
  • Het systeem moet permanent geëvalueerd worden, met medewerking van de verenigingen
  • Het systeem moet zeer soepel zijn, centraal staan de behoeften van de personen getroffen door een snel evoluerende degeneratieve aandoening
  • Het systeem moet ook toegankelijk zijn voor personen bij wie de ziekte een aanvang neemt na 65 jaar
  • Er wordt aandacht gevraagd voor de kwaliteit van het geleverde materieel: er zijn meerdere leveranciers op de markt en niet steeds een even goede kwaliteit

Bezorgd

  • voor opvolging aan Mevrouw Laurette Onkelinx, Vice-Eerste Minister en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Maatschappelijke Integratie;
  • ter info aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap; Het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering; Het centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding

Advies 2010/09 - Task force

  • Jaartal advies: 2010

Advies over het voorstel van de interne werkgroep met betrekking tot de oprichting van een Task force, inbegrepen de lijst met namen van deskundigen, uitgebracht tijdens de zitting van 22/02/2010.


Aanvrager

Advies op vraag van de Staatssecretaris in zijn brief van 14/12/2009


Onderwerp

Een grondige hervorming van het stelsel van de tegemoetkomingen aan personen met een handicap wordt noodzakelijk geacht: de wetgeving is meer dan 20 jaar geleden tot stand gekomen en heeft in de loop der jaren talrijke wijzigingen ondergaan. De aanpassingen waren niet steeds op mekaar afgestemd: het geheel is onsamenhangend, complex, en ondoorzichtig voor de betrokkenen geworden. De vraag wordt gesteld of het nog beantwoordt aan het gestelde doel, en wat de doelstelling inhoudt.

Daarom zal een werkgroep opgericht worden die de krachtlijnen van een hervorming op lange termijn moet uitwerken.

Dit advies handelt over de werkmethode die daarbij gevolgd wordt en over de samenstelling van de groep.


Advies

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap gaat akkoord met het bijgevoegde voorstel van zijn werkgroep en met de lijst van namen van deskundigen die als suggestie en niet beperkend worden meegedeeld.


Bezorgd

voor opvolging aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap.

Advies 2010/02 - Station Haaltert

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over de aanpassingswerken in de treinhalte van Haaltert, uitgebracht tijdens de zitting van 15/02/2010


Aanvrager

Advies op vraag van Infrabel tijdens de werkgroepvergadering van 28/01/2010


Onderwerp

Bij aanpassingswerken in Haaltert moet er een hoogteverschil overbrugd worden. De voorgestelde oplossing is een helling.


Analyse

De helling zal iets steiler zijn dan voorzien in Revalor. Een traptrede invoeren is niet mogelijk.


Advies

Een helling met geleidelijn is hier de beste oplossing. Het begin en het einde van de helling moeten duidelijk aangegeven worden zoals bepaald in Revalor. Aangezien het station enkel in de voormiddag open is, moeten de geleidelijnen niet noodzakelijk naar de loketten leiden. Daarvoor kan de natuurlijke geleidelijn van het stationsgebouw volstaan. Belangrijker is dat personen met een handicap zich vlot en veilig naar de perrons kunnen begeven.

Aangezien de NHRPH enkel een adviesorgaan is, verwijst de NHRPH voor de concrete uitwerking naar de technische toegankelijkheidsbureaus.


Bezorgd

voor opvolging: aan Infrabel

ter info:

  • aan de heer Jean-Marc Delizée:, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/03 - Station Willebroek

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over de aanpassingswerken in treinhalte Willebroek, uitgebracht tijdens de zitting van 15/02/2010


Aanvrager

Advies op vraag van Infrabel tijdens de werkgroepvergadering van 28/01/2010


Onderwerp

Bij de aanpassingswerken moet er een oplossing gezocht worden voor een niveauverschil van 15 cm.


Analyse

Een provinciaal technisch bureau dat onder de koepel van Enter zit aanvaardt voor Willebroek een helling van 4% die breed genoeg is om fietsen en rolstoelen door te laten.


Advies

De NHRPH sluit zich aan bij het voorgestelde compromis. Geleidelijnen zijn wel nodig.

Op de kritieke punten moeten noppentegels en contrast voorzien worden.

Er moet nagegaan worden of een oplossing met een extra trede aan een nabijgelegen trap mogelijk is.

Een veilige route is primordiaal. Het is niet absoluut noodzakelijk dat die naar het stationsgebouw leidt.

Er moet overlegd worden met de gemeente om de best mogelijke route uit te stippelen voor personen met een handicap, waarbij rekening gehouden wordt met veiligheid, nabijgelegen bushaltes, enz.

Revalor zal uitgebreid worden om bij vergelijkbare situaties een duidelijk referentiekader te bieden.

Aangezien de NHRPH enkel een adviesorgaan is, verwijst de NHRPH voor de concrete uitwerking naar de technische toegankelijkheidsbureaus.


Bezorgd

voor opvolging: aan Infrabel

ter info:

  • aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/04 - Station Denderleeuw

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) over de aanpassingswerken in treinhalte Denderleeuw, uitgebracht tijdens de zitting van 15/02/2010

Aanvrager

Advies op vraag van Infrabel tijdens de werkgroepvergadering van 28/01/2010


Onderwerp

Er stellen zich twee problemen:

  • Tijdens de werkzaamheden die ongeveer twee jaren zullen duren, zal er na sluitingstijd een situatie zijn die niet in overeenstemming is met Revalor. Personen met een handicap worden dan geleid naar een helling zonder reling.
  • Op de perrons ligt er centraal en parallel met de perronrand een goot (20m lang), met een lokaal niveauverschil van 2 cm.

Analyse

Het gaat om een tijdelijk probleem dat zich enkel stelt wanneer de loketten gesloten zijn. De werkzaamheden (waaronder de bouw van een lift) zullen het station toegankelijker maken voor PMH.

De plannen dateren van voor de huidige Revalor en zijn niet meer aangepast geweest. Het perron is 7,6m breed. De goot hindert de doorgang niet.


Advies

De NHRPH aanvaardt de voorlopige situatie onder de volgende voorwaarden:

  • Na de werkzaamheden moet het station in overeenstemming zijn met Revalor.
  • De PMH moeten in ieder geval naar het geplande rubberplatform voor blinden en slechtzienden worden geleid.
  • Zo lang het probleem zich stelt, moet er assistentie voorzien worden om dat op te vangen.

De NHRPH aanvaardt de uitzondering omdat de goot de doorgang niet hindert.

Aangezien de NHRPH enkel een adviesorgaan is, verwijst de NHRPH voor de concrete uitwerking naar de technisch toegankelijkheidsbureaus.


Bezorgd

voor opvolging aan: Infrabel

ter info:

  • aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/05 - Assistentie- en informatiezuilen in Waregem en Jambes

  • Jaartal advies: 2010

Advies over het pilootproject met de assistentie- en informatiezuilen in Waregem en Jambes. Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) uitgebracht tijdens de zitting van 15/02/2010, op vraag van B-Mobility (NMBS) tijdens de werkgroepvergadering van 28/01/2010

Aanvrager


Advies op vraag van B-Mobility (NMBS)


Onderwerp

Infrabel plant de installatie van assistentie- en informatiezuilen (niet te verwarren met de totems) in stations ten behoeve van de reizigers tijdens de sluitingsuren van de loketten. In Waregem en Jambes is een prototype operationeel. Op 05/02/2010 bezocht een delegatie van de NHRPH en TOV het prototype in Waregem


Analyse

Het toestel is een terminal met interactief scherm, toetsenbord, noodknop, infoknop, hoorn en camera. Het biedt inlichtingen over het treinverkeer, over toerisme in de streek, enz. Via de noodknop kan contact gemaakt worden met een 24/7 permanentie. Via de infoknop en de e-mailfunctie kan de gebruiker informatie vragen of opmerkingen doorgeven. Er is beenruimte voorzien onder het paneel met scherm en klavier zodat rolstoelgebruikers ook aan het klavier kunnen. Voor wie staande werkt bevindt het klavier zich dan weer aan de lage kant. Bovendien kunnen gebruikers van hogere of bredere (bijv. elektrische)rolstoelen niet of minder goed bij het klavier komen


Advies

De Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap brengt een positief advies uit, mits rekening gehouden wordt met de volgende opmerkingen:

  • In het bijgevoegde verslag van het bezoek staan nog een aantal opmerkingen met aandacht voor de verschillende handicaps en de
  • overeenkomstige behoeftes
  • De NHRPH sluit zich aan bij het voorstel om ook een hoger model te bouwen en, waar mogelijk, beide modellen te installeren in de stations
  • De NHRPH wenst ook het definitieve prototype te evalueren voor advies.
  • Aangezien de NHRPH een adviesorgaan is, zijn de opmerkingen van algemene aard. Voor concrete technische details bestaan er andere instanties, zoals de technische toegankelijkheidsbureaus

 


Bezorgd

  • voor opvolging aan B-Mobility (NMBS)
  • ter info aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap; aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven en aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/06 - Infrabel-totems

  • Jaartal advies: 2010

Advies over het plaatsen van totems op perrons van treinhaltes. Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een Handicap (NHRPH) uitgebracht tijdens de zitting van 15/02/2010, op vraag van Infrabel tijdens de werkgroepvergadering van 28/01/2010



Aanvrager

Advies op vraag van Infrabel

Onderwerp

Infrabel wil in onbemande stopplaatsen voor treinen totems installeren waarop de belangrijkste informatie over de stopplaats terug te vinden is. Op 14/12/2009 bracht de NHRPH een negatief advies uit met een reeks opmerkingen en aanbevelingen. Tijdens de erkgroepvergadering van 28/01/2010 werd het aangepaste project (voor het lastenboek) voorgesteld waarin met de belangrijkste opmerkingen van de NHRPH rekening gehouden wordt


Analyse

De klok geeft nu het correcte uur aan. Binnenkort komt er een analoge klok

De breekbare affichekasten of 'trommels' zijn vervangen door kaders

Statische informatie

  • mogelijkheid van 2e hogere parlofoon op de totem op het perron
  • SOS-knop groter en verlicht + reliëf en contrast
  • gele affiches: duidelijkheid en leesbaarheid worden in de mate van het mogelijke verhoogd
  • nieuwe kaders met grote, beter leesbare affiches komen weldra op de meeste perrons (als aanvulling op de kleinere affiches).
  • Het omgevingsplan zal ontworpen worden met meer contrast voor de slechtzienden
  • De aanduidingen (naamborden, pijlen en wegwijzers) zullen duidelijker en logischer opgevat worden.

Real time info

schermen:

  • op elk perron
  • vervangen lichtkrant: bestemming, vertrekuur, vertraging,tussenliggende stops,...

Luidsprekers:

  • Toekomstige projecten in progress: betere geluidskwaliteit en standaardisering van het omroepen. Bovendien worden acute boodschappen (vertragingen, afgeschafte trein,...) zowel op de schermen als via de luidsprekers meegedeeld, en dit min of meer gelijktijdig en inhoudelijk gelijk

Er komt ook een infocampagne zodat het publiek weet wat de functie is van de totems


Advies

De NHRPH vraagt nog om bij de S.O.S.-knop een niet-auditief signaal te voorzien voor doven en slechthorenden dat aangeeft dat een operator van Securail luistert/spreekt. Ook het verschil tussen een eenvoudige aanvaarde oproep en een beantwoorde oproep (als er effectief iemand van Securail de oproep beantwoordt) moet duidelijk zijn voor elke gebruiker

De NHRPH stelt het erg op prijs dat er met zijn opmerkingen rekening gehouden wordt. Op voorwaarde dat al het voorgaande gerealiseerd wordt, brengt de NHRPH een positief advies uit

Zoals eerder vermeld was de lijst van opmerkingen niet noodzakelijk exhaustief. Aangezien de NHRPH enkel een adviesorgaan is, verwijst de NHRPH voor de concrete uitwerking naar een technisch bureau


Bezorgd

  • voor opvolging aan Infrabel
  • ter info aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap; aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven en aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Advies 2010/01 - Station Saint-Denis-Bovesse

  • Jaartal advies: 2010

Advies van de Nationale Hoge Raad voor Personen met een handicap (NHRPH) over de aanpassingswerken in treinhalte Saint-Denis-Bovesse, uitgebracht tijdens de zitting van 15/02/2010


Aanvrager

Advies op vraag van Infrabel tijdens de werkgroepvergadering van 28/01/2010


Onderwerp

Bij aanpassingswerken wil men het perron verhogen, wat een 'drempel' met een niveauverschil van 15cm zou veroorzaken. Dat is minder dan een traptrede, wat betekent dat er geen sprake is van noppen. Er zou dan een geleidelijn komen tot aan de neus van de drempel die met een contrastkleur wordt aangeduid. Deze situatie was al goedgekeurd door een toegankelijkheidsbureau


Analyse

Een dergelijke oplossing kan niet voor de NHRPH. Een niveauverschil van 15 cm veroorzaakt valpartijen, zeker bij blinden en slechtzienden.

Bovendien zou de geleidelijn een vals gevoel van veiligheid geven


Advies

De NHRPH verkiest de alternatieve oplossing die werd geopperd in de werkgroepvergadering van 28/01/2010, waarbij het niveauverschil wordt overwonnen door aan de naburige trap een extra trede toe te voegen.

Aangezien de NHRPH enkel een adviesorgaan is, verwijst de NHRPH voor de concrete uitwerking naar de technische toegankelijkheidsbureaus.


Bezorgd

voor opvolging aan Infrabel

ter info:

  • aan de heer Jean-Marc Delizée, Staatssecretaris voor Sociale Zaken belast met personen met een handicap
  • aan mevrouw Inge Vervotte, Minister van Overheidsbedrijven
  • aan het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding

Zin in een nieuwsbrief?

Elke maand het actuele nieuws in je mailbox.

logo NHRPH
© Belgian Disability Forum. Alle rechten voorbehouden. Powered by Stekkedoos.